|
Op de grens van alfa en bèta |
||||
|
Reis door Indonesië (2005) Door haar werk voor een duurzamere wereld en vooral voor het onderwijs over duurzaamheid (zie ook www.sustainablefootprint.org) heeft Loes Pihlajamaa-Glimmerveen goede contacten met mensen in Indonesië die zich daar inzetten voor verbetering van het onderwijs en voor behoud van natuur en milieu. In 2001 bezocht ze een conferentie in Surabaya over dit onderwerp en al vaak waren mensen uit Indonesië te gast in haar woonplaats Banholt. In Indonesië is aandacht voor natuurbehoud niet algemeen. Maar op veel plaatsen zijn groepen mensen actief in zogenaamde NGO’s (Non Gouvernementele Organisaties) die werken aan Natuur- en Milieu Educatie (Environmental Education, oftewel ED), vooral van de jeugd. Op uitnodiging van één van die NGO’s, (BIMA te Surabaya) reisde Loes Pihlajamaa (met Heimo) in het voorjaar van 2005 naar Indonesië om daar workshops te geven over: “De verbreding van ED naar ESD” (= Education for Sustainable Development’). Een actueel thema want de UNESCO heeft het decennium 2005-2014 uitgeroepen tot het decennium van de ESD. In een land als Indonesië is het duidelijk dat behoud van natuur zoals regenwouden, mangrovebossen en koraalriffen alleen mogelijk is, als bescherming samengaat met ontwikkelingsmogelijkheden voor de plaatselijke bevolking. Sociale en economische ontwikkeling moet samengaan met het beschermen van natuur en milieu.
Tijdens een werkconferentie van drie en een halve dag in Prigen (ten zuiden van Surabaya) werden de deelnemers intensief ingeleid in het werken aan duurzame ontwikkeling, twee Japanse ngo-ers (van ‘dear’) (NGO = Non-Gouvernementele Organisatie) en een Nederlandse gast (Loes) leverden de inhoudelijke kant. De Indonesische gastvrouwen zorgden ervoor, dat die inhoud goed verwerkt en besproken werd. De deelnemers kwamen van zes verschillende eilanden (Sumatra, Borneo, Java, Bali, Lombok en Sulavesi) en uit diverse organisaties en schooltypen.
Na afloop werden wij, de buitenlanders, getrakteerd op een excursie naar de Bromo: de zon zien opgaan op de rand van de caldera, waarbij het kraterlandschap langzaam uit de nevels tevoorschijn komt, gevolgd door een beklimming van een actieve krater. Daarna per trein naar Jogjakarta, waar een workshop werd gegeven voor een groep docenten en activisten, verbonden aan de universiteit. De streek rond deze stad staat vol tempels uit de Hindoe (Prambanan) en Boeddhistische periode (Borobudur) van Java. Daar kregen we een indruk van het Javaanse culturele erfgoed. De moderne steden die we bezochten (Surabaya, Jokjakarta, Mataram en Makassar) worden vooral gekenmerkt door het chaotische verkeer. Duizenden luidruchtige ‘motorbikes’ maken het rondwandelen in de stad tot een vermoeiende activiteit. We genoten meer van de landschappen buiten de steden.
Na een kort bezoek aan Seloliman, een paradijselijk centrum voor natuur- en milieu-educatie (NME) (met ook weer een workshop voor de staf van het centrum), reisden we naar het eiland Lombok, waar we logeerden aan de oostkust, met uitzicht op Sumbawa . Een kleine NGO ‘Jari’ probeert in deze streek de boeren en vissers een duurzame levensstijl bij te brengen. In het kader daarvan mocht Loes voor het personeel van de dorpsschool een workshop houden over duurzame ontwikkeling en activerende vormen van onderwijs – om de kinderen en daarmee de gezinnen aan het denken te zetten. In hoeverre de mensen in deze school, waar vrijwel niets is (de krijtjes worden als kostbaar hulpmiddel achter slot en grendel bewaard!) in staat zijn om hier iets mee te doen, is de vraag, Wel is duidelijk dat ze erg blij waren met ons bezoek en er misschien inspiratie aan kunnen ontlenen. Voor het werk van de NGO in dit dorp is in elk geval een goede basis gelegd. In deze omgeving is veel koraalrif beschadigd, maar wordt gewerkt aan herstel en bescherming; is het mangrovebos gedeeltelijk verdwenen, maar wordt, door de NGO en door de plaatselijke bevolking mangrove opgekweekt en aangeplant. Tot slot vlogen we naar Sulavesi, waar we een paar dagen logeerden in Puntondo, een NME-centrum vlak aan de kust. Hier kwamen onderwijzers en onderwijzeressen van alle basisscholen van het district Takalar (ten zuiden van Makassar) bij elkaar voor een workshop over duurzame ontwikkeling. Dit NME-centrum is nog in opbouw. De afgelegen ligging maakt het moeilijk om er veel mensen naar toe te krijgen. De weg erheen is deels vrijwel onbegaanbaar. Het klimaat is er tamelijk droog, zodat er tekort is aan regenwater, terwijl het grondwater ter plaatse zout is, zodat een deel van het jaar kostbaar water moet worden aangevoerd. Vier weken Indonesië, drie eilanden, vier steden, veel uiteenlopende landschappen gezien en heel veel vriendelijke, behulpzame, gastvrije mensen ontmoet. Grote problemen, onder andere door de bevolkingsexplosie van de laatste halve eeuw, zijn op veel plaatsen zichtbaar, maar de mensen met wie we in contact kwamen, geven hoop op ontwikkeling ten goede: mensen die zich met hart en ziel inzetten voor de jeugd, voor de natuur en voor duurzame ontwikkeling. Terug naar het begin van deze pagina
Het verslag van het bezoek aan Indonesië uit 2001 vindt u hier.
|
|
|